Ger Koedam, café-eigenaar:
'Met een glimlach'

Als je een 9-tot-5-baan ambieert, moet je vooral niet de horeca in gaan. De werktijden zijn onregelmatig, maar je krijgt er wel veel voor terug. Wat? ‘Veel positieve energie. Ik vind het heerlijk om het mensen naar de zin te maken. En als ze je komen bedanken voor de gezellige avond, dan loop ik zelf na afloop van mijn dienst met een glimlach naar buiten.’ Aldus Ger Koedam, eigenaar van het Rotterdamse café Ari.

‘Ik denk niet als een eigenaar. De mensen die hier werken, zijn vrienden van mij. Zo ga ik ook om met mijn gasten. Als je bij mij in het café komt, kom je in mijn woonkamer. Ik ben hier ook hetzelfde als thuis. Dan gaat je werk nooit vervelen en wordt het een verlengstuk van jezelf. Ik vind hard werken ook geen enkel probleem en maak ook lange dagen. Ik draai drie open-sluitdiensten in een week en heb twee avonddiensten.’

Beschrijf eens een gemiddelde dag…
Heb ik open-sluit, dan zorg ik er allereerst voor dat de zaak klaar staat. Alles moet er schoon en netjes uitzien, op alle tafeltjes moeten de bierviltjes op dezelfde manier gestapeld liggen. Dat maakt het voor mij overzichtelijk. Sommigen vinden dat neurotisch, maar dat ben ik niet, ik wil dat het goed is. Om 11 uur gaan we open, behalve op zondag, dan openen we om 1 uur. Als de tafels gereed zijn, ga ik het terras klaarzetten. Omdat wij terrasverwarming hebben, kunnen de gasten in de winter ook buiten zitten.

Dan is het tijd voor de lunch, die begint ongeveer om 12 uur en loopt door tot half 3. Daarna loopt de zaak “leeg”, maar er blijven altijd wel mensen hangen voor een kopje koffie of een biertje. Wij zetten de zaak dan klaar voor de avond. We maken de tafeltjes weer netjes, we bevoorraden de bar en zorgen ervoor dat er van alle dranken een reservefles achter de bar staat. Verder vullen wij de ijskasten bij en zetten de wijnen goed.

Zo rond 5 uur begint de borrel, die duurt ongeveer een uurtje. Daarna druppelen de eerste eters binnen. Alhoewel je bij ons de hele dag van de kaart kunt bestellen. Het diner is van een uurtje of 6 tot ongeveer half tien, in het weekend een uurtje later. Daarna maken wij de tafels schoon en verandert het eetcafé weer in een café en ontvangen wij de gasten voor een drankje en het bittergarnituur. Een uurtje voordat we gaan sluiten, doordeweeks om 1 uur en in het weekend om 2 uur, beginnen we rustig met opruimen en maken wij de koffiemachine en de jus d’orangepers alvast schoon. Dat doen we natuurlijk niet opvallend, onze gasten hebben dat vaak niet eens in de gaten. Na sluitingstijd ben ik nog een uurtje bezig met opruimen en het tellen van de kas.’

Er is veel concurrentie, de cafés, barretjes en restaurant schieten als paddenstoelen uit de grond. Hebben jullie daar last van?
‘Dat valt wel mee. Wat betreft onze prijzen zijn wij voorzichtig. Als eetcafé moet je voorkomen dat mensen zeggen “ze zijn te duur”. Als dat de ronde doet, ga je leeg en komen de gasten niet meer terug. Dus zorgen we voor lekker eten en drinken en een gezellige sfeer. En daar staat dit café ook om bekend.

'Je voelt je gelijk thuis als je hier binnen komt.
En dat is precies wat ik wil'.

Wij zitten al heel lang op dezelfde plek, heel veel Rotterdammers kennen deze zaak. Wat ik zelf nog steeds een vreemd fenomeen vind, is dat er gasten zijn die gedurende een periode soms drie, vier keer in een week komen en dan ineens zie je ze een jaar niet meer. Mensen zeggen dat horeca zwaar is omdat je de hele dag op je benen staat en je continu gefocust moet zijn, maar eigenlijk is het feit dat mensen “ineens” wegblijven het zwaarste onderdeel voor mij. Ik ben een gevoelsmens en vraag mij dan af waarom ze niet meer komen. Als ze dan weer binnenkomen, vraag ik hen “Waar zat je nou?”. Maar gelukkig hoeven wij in deze zaak geen moeite te doen om mensen vast te houden. Je voelt je gelijk thuis als je binnen komt. En dat is precies wat ik wil.'