Herman Hendriks, Instructeur Luchtvaart:
‘Vliegen geeft je vrijheid

Locatie: Breda International Airport. Het vliegveld ligt er al sinds 1949, eerst onder de naam Seppe. ‘Die naam zei niet veel mensen iets, dus wisten ze ook niet waar het vliegveld lag. En Seppe is inderdaad niet zo bekend als “Zestienhoven”, dat nu trouwens Rotterdam-The Hague Airport heet. Om de locatie van het vliegveld voor iedereen duidelijk te maken, is in 2015 besloten om de naam te wijzigen in “Breda International Airport”.’ Aan het woord is Herman Hendriks, eigenaar van Breda Aviation, een opleidingscentrum voor sport- en verkeersvliegers.

Over het vliegveld
Herman: ‘Hier kunnen vliegtuigen met een maximale capaciteit van 19 personen stijgen en landen. De start- en landingsbaan is ook “maar” 800 meter lang. Daar kunnen geen Boeings landen. Vanaf dit vliegveld vertrekken zakenvluchten, sportvliegtuigen, rondvluchten en vliegtuigen met parachutisten. En dus ook de lesvliegtuigen van Breda Aviation. Het vliegveld wordt intensief gebruikt. Zoals door zakenlui die met hun vliegtuig of dat van de organisatie waar ze werkzaam zijn, binnen Europa reizen, bijvoorbeeld naar Engeland. Hier zijn namelijk korte instap- en overstaptijden. Dat scheelt hen veel tijd, zeker ten opzichte van het vliegen vanaf Schiphol. Denk trouwens niet dat je hier zomaar vanaf de parkeerplaats in het vliegtuig kunt stappen. Ook hier is marechaussee aanwezig voor de paspoortcontrole en moet worden voldaan aan regels omtrent beveiliging, net als bij andere vliegvelden.’

Over het opleidingscentrum
Herman is directeur van Breda Aviation. ‘Zo’n 60% van onze activiteiten betreffen opleidingen, de overige 40% is de verhuur van vliegtuigen. We hebben een stuk of vijf 2- en 4-persoonsvliegtuigen die kunnen worden gehuurd. Jaarlijks leiden we zo’n vijftig vliegers op tot piloot, niet alleen voor sportvliegtuigjes, maar ook verkeersvliegers. Daarnaast leiden we instructeurs op en in de toekomst gaan we ook examinatoren opleiden.’ Naast de genoemde opleidingen, gaat Breda Aviation ook opleiden voor de Pal-V, de vliegende auto. Herman: ‘Dat is een heel apart “ding”, hij rijdt op de weg en vliegt in de lucht. We zijn hiermee de eerste opleider ter wereld. De Pal-V is nu nog in ontwikkeling, maar moet in 2020 gecertificeerd zijn.’

Over de opleiding
‘Het leuke hier is dat ons leerlingenbestand zo divers is. Onze leerlingen (mannen en vrouwen) variëren in leeftijd tussen de 14 en 94 jaar en zijn afkomstig uit alle lagen van de bevolking. Net als bij het behalen van het rijbewijs is er voor de opleiding van piloot een theorie- en praktijkgedeelte. Voor ons als instructeurs is het fijn als de mensen de theorie al hebben doorlopen en algemene vliegkennis hebben voordat we met de praktijklessen beginnen. De lesvliegtuigen hebben, net als in een lesauto, dubbele besturing. Besturen de leerlingen het vliegtuig voor het eerst, dan zit de instructeur naast hem of haar op de passagiersstoel. En dan mogen ze zelf vliegen. Spannend natuurlijk, maar dat is doorgaans na een minuut of vijf wel over en is de aandacht volledig bij het vliegen. Wij leren hen de basis van het vliegen zodat de aspirant-piloot weet hoe alles werkt. Want hoe groter een vliegtuig wordt, hoe makkelijker het voor de piloot is omdat veel geautomatiseerd is.

Als de leerling de opleiding heeft doorlopen, doet hij of zij examen. Slaag je daarvoor, dan krijg je je vliegbrevet en mag je zelfstandig vliegen en moet je vlieguren blijven maken om het geldig te houden. Doe je dat niet, dan raak je je brevet niet kwijt, maar je mag niet meer achter de stuurknuppel. Bij ons kun je die uren maken om het brevet weer geldig te laten zijn.

Mensen vragen mij wel eens hoe lang de opleiding duurt en wat het kost, maar daar kan ik geen antwoord op geven. Het is net als met rijlessen. De een heeft het papiertje nu eenmaal sneller dan de ander.’

Over stijgen en landen
Op de vraag wat moeilijker is: stijgen of landen, antwoordt Herman: ‘Stijgen doet het vliegtuig zelf. Als je maar genoeg gas geeft, gaat hij vanzelf vliegen. En landen doet een vliegtuig ook altijd. Er is nog nooit een vliegtuig in de lucht gebleven… Alleen de manier waarop de landing gaat, bepaalt de piloot, hij moet een vliegtuig met een snelheid van 120 kilometer op de grond krijgen en onder controle houden. Landen is dus het moeilijkst van de twee en duurt ook het langst om aan te leren. Gemiddeld voert een leerling zo’n 100 – 150 landingen uit om het echt goed onder de knie te krijgen.’

Over ervaring
Een lesvliegtuig heeft dubbele besturing. ‘Belangrijk is dat je de leerling fouten laat maken. Het is in al die twintig jaar dat ik les geef slechts een paar keer nèt goed gegaan, relateer je dat aan het aantal uren dat ik heb gevlogen: 15.000 uur, dan stelt dat niets voor. Trouwens als instructeur is het niet zo belangrijk dat je veel vlieguren hebt. Ervaring is belangrijk. Dat maakt je als instructeur ook onderscheidend. Ik vlieg actief mee en blijf bewust van alle knoppen, pedalen en de gashendel af. Gebeurt er iets, dan moet de leerling het zelf oplossen. Mijn leerlingen weten dat ik het niet voor ze opknap. Dan pas leren ze ook echt vliegen.’

Over de ‘ruimte’ in de lucht
De wegen raken overvol, gaat dat ook niet in de lucht gebeuren? Het commerciële en zakelijke vliegverkeer, de sportvliegerij, drones en dadelijk ook nog de Pal-V… Herman: ‘Vergis je niet, het luchtruim is zo groot… In ieder geval veel groter dan de snelweg, die is maar vier, zes, acht of maximaal tien banen breed. Voor de grote vliegtuigen die op tien tot twaalf kilometer hoogte vliegen, zijn er in de lucht ook “wegen”. Wij vliegen een stuk lager, maximaal drie kilometer, en daar is geen weg. We moeten wel weten waar we vliegen. Zo mogen we bijvoorbeeld niet boven militaire gebieden vliegen, maar het allergrootste deel van het luchtruim boven Nederland en daarbuiten is “vrij”.’

Over wat er zo leuk is aan vliegen en lesgeven
‘Je hebt een stuk vrijheid, je bestuurt iets wat niet zo gebruikelijk is, en je kunt eigenlijk overal relatief snel naar toe, zeker in verhouding met de auto. Van Breda International Airport naar Texel is vijf kwartier vliegen. Ga je met de auto dan ben je al gauw een uur of vijf, zes kwijt voor de heen- en terugreis.

Ook lesgeven vind ik leuk, al had je mij vroeger niet moeten vragen of ik leraar wilde worden… Het geeft mij bijzonder veel voldoening om deze doelgroep te leren vliegen. Er zit iemand naast je die nog “niets” kan maar een bepaalde droom, visie of een missie heeft. Je moet als instructeur de leerling leren “lezen” en goed bekijken wat je voor de persoon kunt betekenen. Leerlingen hebben het wel eens moeilijk, maar dat is niet erg. Ze moeten zichzelf ook toestaan om fouten te maken. Doe je dat niet, dan leer je niets. En dat is niet de bedoeling,’ zo sluit Herman het gesprek af.

Kijk voor meer informatie op: www.breda-aviation.nl