Mark Logtenberg, Projectontwikkelaar: 
‘Ik zorg dat er een gebouw voor bewoners ontstaat’

In ons land wordt weer veel gebouwd. Het is duidelijk: de crisis is voorbij. Maar wat komt er allemaal kijken voordat je de sleutel van je woning voor de eerste keer in het slot kunt omdraaien? En wie zijn er allemaal bij de bouw betrokken? In ieder geval de projectontwikkelaar, zoals Mark Logtenberg is. Hij is de spin in het web tijdens het gehele traject: van idee tot daadwerkelijke oplevering.

Mark Logtenberg: ‘Een projectontwikkelaar ontwikkelt vastgoed. Wij zorgen ervoor dat er een omgeving of een gebouw ontstaat dat is bestemd voor bewoners. Zelf ben ik gespecialiseerd in zorgvastgoed, kleinschalige woonprojecten waar mensen die 24 uur zorg nodig hebben plezierig kunnen wonen en daar de juiste zorg ontvangen. Mijn credo is niet voor niets “Met zorg ontwikkeld”. Maar ik ben ook betrokken bij hele andere projecten. Zoals bijvoorbeeld bij het nieuwe bestemmingsplan voor het gevangeniscomplex aan de Noordsingel in Rotterdam dat momenteel wordt verbouwd tot Tuin van Noord.’

Kun je een voorbeeld geven van hoe een project tot stand komt?
‘Stel, er moet een woon-zorgcomplex komen. Dan ga ik met de opdrachtgever om de tafel om zijn wensen aan te horen. Vervolgens nemen wij contact op met de gemeente om te achterhalen of het project binnen het bestemmingsplan past. Is dat het geval, dan maak ik op basis van de wensen van de opdrachtgever een beknopte beschrijving van het project. Dat kunnen een paar A4-tjes zijn waarin ik ook enkele eenvoudige schetsen opneem. Is de opdrachtgever daarmee akkoord, dan ga ik rekenen en laat ik de architect de bouwtekening maken. Met name dat rekenen is belangrijk. Ik kijk niet alleen naar de kosten, maar ook naar de opbrengsten. En dat wordt steeds ingewikkelder. Zeker in de wereld van het zorgvastgoed zijn er veel regels en die veranderen regelmatig.

Is het financiële deel akkoord en zijn de tekeningen gereed, dan komt de aannemer in beeld. Hij is verantwoordelijk voor de bouw van het complex. De makelaar zorgt vervolgens voor de verkoop van de woningen. Ik heb gedurende het gehele traject ook te maken met investeerders en beleggers. Zij zijn uiteindelijk nodig om het geheel te financieren. Maar vergeet ook de mensen niet die wonen in de omgeving van het nieuw te bouwen complex. Voor hen organiseren wij voorlichtingsavonden waar wij het plan presenteren.

Als het project is afgerond en de eindgebruikers kunnen er gaan wonen, ga ik ook altijd bij de bewoners langs. Dan zie ik waar ik het uiteindelijk voor doe. Dat is het leuke van wat ik doe, ik heb met veel mensen te maken, allemaal met een andere invalshoek.

Wat is de doorlooptijd van een “gemiddeld” project?
‘Doorgaans hou ik rekening met een jaar of vijf vanaf het eerste initiatief tot en met de oplevering. Natuurlijk wil je dat het sneller gaat, maar er gebeurt tijdens zo’n traject altijd wel iets wat je niet kunt voorzien. Zo kost het aanvragen en krijgen van vergunningen soms meer tijd dan je zou willen. Ook procedures, wanneer bijvoorbeeld de omwonenden bezwaar aantekenen, nemen doorgaans veel tijd in beslag. Dat kun je vooraf simpelweg niet inschatten. De buitenwereld ziet meestal alleen het laatste stuk, het bouwen. Dat is in verhouding de kortste periode in het geheel. Grote vertragingen vind ik heel vervelend. Zeker wanneer je er zelf geen invloed op hebt en de plannen stil komen te liggen. Zoals bijvoorbeeld tijdens de kredietcrisis.

Elk project is anders, het is nooit standaard. Ik leer constant en de kennis die ik bij een project op doe, neem ik mee naar mijn volgende project. Maar ik luister ook naar mensen uit mijn omgeving, bijvoorbeeld naar mijn oudste zoon. Die vroeg zich op zijn vierde jaar al af waarom je als volwassene op een gegeven moment het huis uit gaat en niet altijd bij elkaar blijft wonen, net als in Italië. Dan kan iedereen voor elkaar zorgen. Dat idee fascineerde hem. Hij tekende een huis, waar iedereen een plekje kreeg. Kwamen er meer mensen bij, dan tekende hij er een stukje bij. Zo ontstond een heel familiehuis waar iedereen eigen taken kreeg. Dat idee, voor elkaar zorgen en naar elkaar omkijken, zie je een beetje terug in de moderne zorgvilla.’

Welke studie heb je gevolgd?
‘De technische opleiding HTS-Bouwkunde. Daarna deed ik Bedrijfskunde en vervolgens Vastgoedmanagement. Belangrijk in mijn vak is namelijk dat je de markt kunt analyseren, de techniek kunt beoordelen en op basis daarvan goede adviezen kunt geven.’

Heb je dit altijd willen doen?
‘Eigenlijk wel. Toen ik vroeger op school een opstel moest schrijven over wat ik later wilde worden, beschreef ik mijzelf als iemand die mooie dingen wilde gaan bouwen. Ik was altijd met bouwen bezig. Bouwde ook met lego huizen na. De ontwikkelaar zat altijd al in mij en dat heb ik misschien ook overgebracht op mijn oudste zoon. Wie weet.’