Kevin Appelo, Waterklerk:
'Belangrijke schakel tussen de wal en het schip'

Kevin Appelo is waterklerk bij een cargadoor in Rotterdam. Een bijzonder beroep, want als waterklerk ben je binnen achter de computer, maar ook buiten op de schepen actief.

Kevin: ‘Een waterklerk is de schakel tussen de wal en het schip. Het is belangrijk om goed te communiceren met het schip en haar bemanning en de stuwadoor, bunkerleveranciers, havenautoriteiten en vooral niet te vergeten, onze klant.

De schepen die de haven van Rotterdam binnenvaren, moeten aan allerlei regels voldoen vanuit de douane, de havendienst en de rivierpolitie. ‘Voordat het schip binnenvaart, krijgen wij via de rederij allerlei informatie, waaronder de douanedocumenten en de crewlist. Op die crewlist staat alle informatie over de aan boord zijnde bemanningsleden, zoals hun paspoort, zeemansboek, VISA gegevens, en tot wanneer deze documenten geldig zijn. Ook moeten de ISPS-papieren in orde zijn, waarbij ISPS staat voor “International Ship & Port Facility”. Dat heeft alles te maken met de beveiligingsmaatregelen waaraan een schip moet voldoen om de haven in te mogen varen. Natuurlijk moeten we weten welke lading aan boord is, of het gevaarlijke lading is, waar de lading vandaan komt, of er al invoerrechten over betaald zijn, of het vrij goed is, noem maar op. Tevens moet bekend zijn wie de contactpersonen van de rederij zijn zodat we in geval van calamiteiten weten met wie we contact moeten opnemen. Al die documenten en gegevens controleren wij om ze vervolgens te registreren in een centrale database genaamd Portbase. Alle betrokken havenautoriteiten en derde partijen hebben toegang tot dit systeem en halen hieruit de benodigde informatie.

Elke minuut is kostbaar
Komt een schip de haven binnen om te lossen, dan is het van belang dat de waterklerk als eerste aan boord is om het originele “bill of lading”, oftewel het ladingdocument, te tonen aan de gezagvoerder en deze te endosseren (= op de rugzijde ondertekenen en dagtekenen). Pas dan krijgt de kapitein van zijn reder toestemming om de luiken te openen en het lossen te starten. Onze belangrijkste taak is ervoor te zorgen dat het schip zo snel mogelijk de haven in en ook weer uit gaat. Want in deze wereld is elke minuut kostbaar.

Belangen behartigen
Ligt een schip aangemeerd in Rotterdam, dan kom ik minstens twee keer aan boord, één keer bij aankomst en één keer bij vertrek. Soms is tussendoor nog een derde bezoek nodig. Als waterklerk ben ik verplicht om de kapitein van een schip op de hoogte te brengen van de wettelijke normen waaraan het schip moet voldoen, met als voorbeeld het afvoeren van huisafval en afvalwater. Natuurlijk krijgt de kapitein volop de mogelijkheid om vragen aan mij te stellen. Ik behartig zijn belangen en het is mijn taak om zijn verblijf zo aangenaam mogelijk te maken.

Werkdag
Als ik dienst heb, moet ik 24 uur per dag beschikbaar zijn. Mijn werkdag begint dan rond 8 uur ’s morgens. Overdag handel ik allerlei administratieve zaken af op kantoor. Want voordat een schip de haven binnenvaart, is daar al een heel traject aan vooraf gegaan. Denk hierbij aan het melden van schepen en scheepsbewegingen binnen de Rotterdamse haven en aan het opmaken van ladingdocumenten, het regelen van taxi’s en hotels voor bemanningsleden, aanmeldingen en afleveringen verwerken, en ga zo maar door. De dagdienst loopt dan door in de avonddienst en die kan heel afwisselend zijn. Van heel druk tot rustig. Op enig moment ga ik naar huis en schakel ik de telefoon door. Dan probeer ik een paar uur te slapen, al moet ik soms midden in de nacht weer op omdat een schip om 5 uur ’s nachts klaar is voor vertrek. We dienen twee uur “notice” in acht te nemen voordat loodsen, roeiers en eventuele havenslepers op locatie aanwezig kunnen zijn. Voor die tijd moet ik aan boord zijn geweest om alle documenten te tekenen en de laatste zaken te regelen. Dat moet goed gebeuren, want als ik van boord ga en ik ben iets vergeten, dan is het schip vaak al losgegooid.

Part of the job
De lange werkdagen kunnen  best zwaar zijn, maar ik ben het gewend en ik zie het als “part of the job”. Bovendien haal ik veel voldoening uit mijn werk, dan vind je het niet erg om uit je bed gebeld te worden. En zodra ik op de terminal aan kom, zie ik dat ik niet de enige ben die aan het werk is. In de haven gaat het leven ’s nachts gewoon door.

Schakel
Wat ik vooral leuk vind aan mijn werk is het contact met allerlei verschillende partijen. Als waterklerk ben je een belangrijke schakel in een keten. Een tevreden opdrachtgever na vertrek van het schip geeft mij een goed gevoel. En dat ik zowel op kantoor als buiten aan het werk ben, spreekt mij heel erg aan. Dit is voor mij gewoon de perfecte werkomgeving.’