Patrick van der Graaff, verkeerskundige:
'Niet iedereen realiseert zich dat er heel veel aan verkeersveiligheid wordt gedaan'

Een verkeerskundige bedenkt oplossingen voor problemen met het verkeer.

 Patrick van der Graaff is verkeerskundige en werkt voornamelijk als adviseur voor gemeenten. Hij geeft een voorbeeld waar hij in zijn dagelijkse werk mee te maken heeft. ‘Bewoners melden bij de gemeente dat het kruispunt bij hen in de buurt onveilig is. 

Auto’s rijden te hard, het is niet overzichtelijk, fietsers rijden op de drukke weg, het is gevaarlijk over-steken, noem maar op. Ze vragen de gemeente met een oplossing te komen. 

De gemeente neemt dan contact op met een verkeerskundige en vraagt advies hoe dit kruispunt veiliger kan worden gemaakt. Dat advies kan bijvoorbeeld zijn dat de gemeente een fietspad moet aanleggen.’

Gemeenten en projectontwikkelaars
Verkeerskundigen werken niet alleen voor gemeenten, maar ook voor projectontwikkelaars. ‘Op het moment dat een projectontwikkelaar een bouwplan maakt voor een nieuwe wijk met woningen, moeten er natuurlijk ook straten en wegen worden aangelegd. Dan komen wij als verkeerskundigen in beeld. Wij overleggen met stedenbouwkundigen en maken een verkeerskundige analyse van de straten, kruispunten en verkeerslichten.

Daarbij houden wij rekening met het beleid van de gemeente, bijvoorbeeld van hoeveel parkeerplaatsen per woning wij moeten uitgaan. De parkeernorm is namelijk per gemeente verschillend. En ja, zegt de gemeente: 1,8 parkeerplek per woning, dan is dat het uitgangspunt. Blijkt na een paar jaar dat dat te weinig is, dan is daar vaak niets meer aan te veranderen. Vanaf de bouw meer parkeerplaatsen en bredere wegen aanleggen helpt, maar dan worden de huizenprijzen in de nieuwbouwwijk wel duurder. Je zoekt dus naar de beste economische oplossing.’

‘Mijn werk is dus heel divers. Ik maak verkeerstechnische analyses en ben dan behoorlijk technisch bezig. Maar ik ga ook veel de straat op om de verkeerssituatie ter plekke te bekijken en te zien hoe de situatie veiliger kan worden. Op basis daarvan stel ik adviezen op. Ook zit ik regelmatig met betrokkenen aan tafel om mijn adviezen toe te lichten, of discussieer ik met bewoners over de verkeerssituatie in hun omgeving.’

Subjectieve en objectieve veiligheid
Bij het aanpassen van een kruispunt gaan gemeenten en verkeers-kundigen zeker niet over een nacht ijs. Patrick: ‘ De politie houdt in een landelijke database alle verkeersongevallen bij. Zo krijgen we een goed overzicht van plekken waar veel ongelukken plaatsvinden. Verkeers-kundigen baseren zich bij de aanpak van de verkeers-problematiek onder meer op deze database. Soms gebeurt er in tien jaar tijd helemaal geen ongeval, maar is het voor het gevoel van de bewoners een onveilig plek omdat het vaak “maar net goed” gaat. Wij noemen dat subjectieve onveiligheid. De objectieve onveiligheid zijn de cijfers die wij van de politie doorkrijgen.

Altijd voor het rode verkeerslicht…
Iedereen kent het gevoel dat uitgerekend jij altijd voor een rood stoplicht staat te wachten. Patrick: ‘Die opmerking hoor ik vaak. “Waarom is hier geen groene golf”, is dan de vraag. Maar stel je een groene golf in, dan kun je op de hoofdroute vaak goed doorrijden, maar staan de automobilisten in de zijstraten weer vaker voor het rode licht. Dus heb je per saldo meer wachttijd voor al het verkeer in de hele omgeving van die groene golf.’

Bemiddelaar
‘Wij kijken naar de verkeerssituatie in de hele stad of in de regio. Op basis daarvan nemen wij beslissingen en informeren wij de bewoners. Dat doen we bijvoorbeeld tijdens inspraakavonden. Het komt wel eens voor dat mensen het niet met onze oplossingen eens zijn en dan kan het er soms heftig en emotioneel aan toe gaan. Op zo’n moment zijn wij ook een soort bemiddelaars. Wij tonen altijd begrip maar moeten ons realiseren dat het algemeen belang vrijwel altijd boven het eigen belang van bewoners gaat.’

Geld, geld, geld…
Geld is altijd een probleem bij het aanpassen van de infrastructuur. ‘Gemeenten of de overheid hebben maar een beperkt budget voor verkeerskundige aanpassingen. Dus moeten we creatief zijn en 

kijken hoe we samen met gemeenten, met partners van de Metropoolregio of het Ministerie van Infrastructuur en Milieu aan het benodigde geld kunnen komen. Dat kost tijd en dat kan frustrerend zijn voor de bewoners. Maar als het ons dan toch lukt om extra geld los te krijgen, dan zijn wij natuurlijk wel blij. Een optie om de kosten terug te verdienen is het heffen van tol, maar daar is veel maatschappelijke weerstand tegen.’

Grote stap
‘Vaak realiseren mensen zich niet dat er al heel veel wordt gedaan aan verkeersveiligheid. De afgelopen veertig, vijftig jaar is het verkeer verveelvoudigd. In het begin van de jaren 70 waren er 3000 verkeersdoden per jaar. De afgelopen jaren schommelt dat tussen de 500 en 600 per jaar. We hebben dus een hele grote stap gemaakt.’

Meer over dit beroep

Verkeerskundigen werken bij de overheid (het Ministerie van Infrastructuur en Milieu), Rijkswaterstaat (voor de rijkswegen), provincies (de N-wegen), gemeenten, waterschappen (de dijkwegen en polderweggetjes) en openbaar vervoerbedrijven. Maar ook in het bedrijfsleven: van ZZP’er tot grote adviesbureau’s.

Opleiding

Om verkeerskundige te worden, moet je de vierjarige HBO-opleiding Verkeerskunde volgen. Het is belangrijk dat je natuur- en wiskunde in je vakkenpakket hebt. Je kunt de opleiding onder meer doen bij de NHTV in Breda, bij Windesheim in Zwolle en Almere of bij de Hogeschool Utrecht. Je krijgt naast verkeerskunde ook psychologie, economie, recht en sociologie.

Vaardigheden

Je moet technisch zijn, goed met mensen kunnen omgaan en flexibel van aard zijn.